donderdag 14 februari 2013

De stilte voorbij (woorden aan Hanna)

Toen ik je naam in het onderwerp van een mail zag staan wist ik het meteen. Het had nochthans alles kunnen zijn. Een update. Een plan. Een boodschap. Maar een ijzige ijzeren greep klemde zich om mijn hart en ik wilde niet weten wat zou volgen. Zelfs toen ik verder las (‘Dit is een droevige mail’) had het nog iets anders kunnen zijn. ‘Het gaat niet goed met haar’. Maar ijs sijpelde mijn aderen binnen. Alles in mij wist dat ik van nu af aan zou leven in een wereld zonder jou.


Een wereld zonder jou, waar woorden eeuwig tekort zullen schieten.

donderdag 13 december 2012

5 minutes of happiness

De kwaliteit laat te wensen over, helaas (maar het origineel was 300MB en dat ging ik nimmer nooit niet kunnen opladen met het crappy internet dat we hier hebben...), maar zo zien jullie tenminste eens waar ik zo verslaafd aan ben. Dit ben ik op mijn gelukkigst... :-)

dinsdag 20 november 2012

Heimwee

Deze ochtend werd ik, na een veel te korte nacht, om 4 uur wakker. Buiten regende het; mijn dekentje was net te koud voor me. In mijn hoofd schreef ik een boek. Ingespannen probeerde ik mijn nek te ontspannen.

woensdag 24 oktober 2012

Ñaños (Deel 1: Alejo)

Ñaño is, eigenlijk, een woord dat niet bestaat. Afgezien van het feit natuurlijk dat het nu dus wél bestaat. Het is een verspaansd woord dat afgeleid is van het – geheel legitiem bestaande – kichwa woord ‘ñaña’ wat ‘zus’ betekent. Maar alleen als je een meisje bent. Ben je een jongen, dan kan je nooit een ‘ñaña’ hebben. Dan heb je namelijk een ‘pani’. Jaja, antropologie van de kinship, het is me wat. Soit, het woord ‘ñaña’ is dus gewoon overgenomen door niet kichwa-sprekende andesbewoners, en op z’n spaans naar een mannelijke variant omgezet: -a wordt –o. En dan krijg je dus een ñaño (voor hen die het interesseert, moest mijn zus een jongen zijn zou zij/hij mijn ‘turi’ zijn, waren we beiden mannelijk dan waren we elkaars ‘wawki’ geweest. ’t Is maar dat u het weet.)

maandag 1 oktober 2012

Baantje vs. Levensweg

Dat ik dan maar een baantje moest zoeken in Quito, zo becommentarieerde mijn moeder achteloos. Een baantje. Het woord bleef hangen, malen in mijnhoofd, met een vaag gevoel van verbazing. Is dat wat zij denkt dat ik nu heb, een baantje? Is dat wat jullie allemaal denken dat ik nu heb? Hoe langer ik erover nadacht, hoe meer ik mij realiseerde dat eigenlijk niemand echt weet wat ik hier doe.